Rommel III

Het is de derde dag dat ik over het pad bij de Mastenbroekerbrug fiets, vastbesloten om op de terugweg weer rommel op te ruimen. Op de heenweg kijk ik alvast rond om voor de terugweg mijn stop te bepalen. In de fietstas een vuilniszak. Ik ben er klaar voor.
Maar. Er is iets bijzonders gebeurd. Alle rommel, die ik de dagen daarvoor had gezien en niet op geruimd had, was zo goed als weg. Zowel aan de ene kant van de straat als aan de andere kant -alles weg. Heel af en toe kwam ik iets tegen. Een blikje, een papiertje, een rietje. Ik was verrast. Iemand anders had heel grondig de berm van het fietspad èn van de weg van rommel ontdaan.

Op de terugweg stopte ik voor de paar dingen die er nog lagen. Maar mijn vuilniszak kwam niet vol. En op de een of andere manier was ik niet gegeneerd om de rommel te ruimen. Ik was blij. Iemand anders had geruimd. Waarschijnlijk zelfs wel meer mensen. Dat moet haast wel. En ze waren ook heel systematisch te werk gegaan. Dat wat ik deed, was eigenlijk niet meer dan een samenwerken met mensen die ik niet kende, maar die het zelfde voor ogen stonden. De rommel opruimen.
Samenwerken. Ook al ken je degene niet met wie je samenwerkt. Ook al weet je niet wie die ander is. En ook al heb je die ander nooit gezien. Maar toch geeft het kracht: je staat er niet alleen voor. Het helpt om je tot de diepte, je eigen puinhopen, je dagelijks verdriet te verhouden, als je weet dat er meer mensen zijn die dat zien. Mensen die hun helpende hand uitsteken en die er willen zijn. Zomaar, om niet -voor de ander die erlangs fietst, voor de schepping die kan gloriëren.

Voor de mens, die wil leven!

Margo Jonker

Geplaatst in nieuws